Astaga.nl

Tijdlijn Indonesië 1900-1960

Periode 1960

Periode Gebeurtenis
 
  Nederland besluit op 14 april 1960 militaire eenheden te sturen. In mei vertrekt vliegdekschip Karel Doorman samen met andere schepen afgeladen vol oorlogsmaterieel, officieel voor vlagvertoon rond de wereld, maar in werkelijkheid gaat de reis naar Nederlands-Nieuw-Guinea. In dezelfde maand wordt het 6e Infanterie­bataljon Oranje Gelderland opgericht. In augustus 1961 is 56 procent van het Nederlandse volk tegen het afstaan van Nieuw-Guinea; slechts 22 procent is –onder voorwaarden– voorstander.
  De Nederlandse regering wil snel de Papua's een vorm van zelfbestuur geven in de vorm van de Nieuw Guinea Raad. Er zullen verkiezingen worden. uitgeschreven.

- In de jaren na de Tweede Wereldoorlog, vooral vanaf 1949, was er plotseling wel veel interesse voor Nieuw-Guinea. Door de verslechterde verhouding met Indonesië voelden veel Indo-Europeanen (vooral in Indonesië geboren Nederlanders) zich in Indonesië niet meer thuis. Ze vergeleken hun situatie met die van de joden. Met het nodige gevoel voor dramatiek werd verkondigd dat Nieuw-Guinea betekende voor de Indo-Europeanen wat Palestina betekende voor de joden. Dat Nederland Nieuw-Guinea nog niet had overgedragen, zo stelt historicus Hans Meijer, was dan ook ‘in belangrijke mate te danken aan de druk die uit koloniaal-conservatieve (Indo-Europese) hoek was uitgeoefend op de Nederlandse politiek om het gebied te bestemmen tot nieuw Indo-Europees stamland.’ Veel Indo-Europeanen bleken echter weinig te voelen voor een vertrek naar Nieuw-Guinea. De meesten zouden uiteindelijk naar Nederland komen. Desondanks hield Nederland aan Nieuw-Guinea vast, nu met het argument, vooral vanaf 1952, dat het een aparte status verdiende omdat het gebied ten opzichte van de andere delen van voormalig Nederlands-Indië sterk in ontwikkeling was achtergebleven. Met dit idee in het achterhoofd probeerde Nederland van Nieuw-Guinea een modelkolonie te maken, volgens Meijer onder meer ‘om het bezit van het eiland jegens de internationale gemeenschap te rechtvaardigen.’ Het wrange daarbij is dat de georganiseerde scholing van de Papoea’s erin resulteerde dat zij al snel de door de Indo-Europeanen bezette banen innamen.

1960 17 aug. Indonesië verbreekt de diplomatieke betrekkingen met Nederland
1961 - 21 februari. Het Papoea Vrijwilligers Korps (PVK)  wordt opgericht om bij te dragen aan de verdediging van Nederlands-Nieuw-Guinea tegen de infiltratie van het Indonesische leger. Het is een geheel uit Papoea's bestaand korps. De oprichting van het korps werdt door de Nederlandse ministerraad in december 1959 goedgekeurd, en het korps moet fungeren als een semi-militaire politie.
  - 5 april.  De Nieuw-Guinea Raad wordt geïnstalleerd. De creatie van de Nieuw-Guinea Raad is opmerkelijk, omdat van zelfbestuur op lokaal niveau nauwelijks sprake is.
  1 december. Nederland geeft de Papoea’s een vlag, een volkslied en een nationaal symbool.
1962 15 aug. Nederland en Indonesië paraferen in New York een akkoord over Westelijk Nieuw-Guinea. Nederland zal het bestuur over het gebied op 1 oktober overdragen aan een United Nations Temporary Executive Authority (UNTEA). Op 1 mei 1963 zal zal Untea het gebied overdragen aan Indonesië.
Uiterlijk in 1969 zullen Indonesië en de VN een referendum houden (Plan Bunker) , waarin de Papua's zich kunnen uitspreken of zij bij Indonesië wensen te blijven of de band met Indonesië wensen te verbreken. Dit element bevatte veel symboolpolitiek om het Nederlandse gezichtsverlies te verzachten, want de Indonesische machtshebbers zouden nooit toestaan dat de bevolking zich zou afscheiden van Indonesië.
In 1969 vindt inderdaad een (getrapte) volksraadpleging plaats, echter onder grote druk van het Indonesische leger. Er wordt dan ook ingestemd met integratie in Indonesië.

De meeste Papua's zagen niets in een Indonesisch bestuur, al was het maar omdat ze dan slechts een van de vele minderheden in de Indonesische archipel zouden zijn. De clausule in het plan Bunker dat de Papua's op z'n laatst in 1969 konden beslissen over zelfbeschikking, leek niet erg stevig. Nieuw-Guinea, stond dan al jaren onder Indonesisch bestuur en het was de vraag hoeveel vrijheid van keuze er dan nog was.

"..In 1969 vond onder toezicht van de Verenigde Naties de ‘Act of Free Choice’ plaats, achteraf ook wel de ‘Act of No Choice’ genoemd. Het referendum bleek een democratische schijnvertoning, waaraan in plaats van de hele bevolking slechts 1025 stamoudsten mochten deelnemen. Verleid met valse beloften en cadeaus, slecht voorgelicht en onder veel druk kozen zij unaniem voor aansluiting bij Indonesië.

Zo kwam het dat West-Papua in 1969 definitief werd overgeleverd het Indonesische regime.

Het referendum van 1969: de ‘Act Of No Choice' >>

Zie ook de website van andere tijden >>

Uiteindelijk stemt West Papua in met opname in Indonesië. De Nederlandse troepen worden zo snel mogelijk teruggetrokken. Alle vijandelijkheden tussen Indonesië  en Nederland worden gestaakt.
1963 1 mei. Plechtige overdracht van het bestuur over Nieuw-Guinea van Untea aan Indonesië. Nieuw-Guinea heet Irian Jaya. Hollandia wordt Kota Baru. Tot eerste gouverneur in Irian Barat benoemt Indonesië de papua E.J. Bonay.
1965 In de nacht van 30 september worden er zes generaals ontvoerd, gemarteld en vermoord. Deze gebeurtenis staat bekend als de G30S/PKI (Gerakan tiga puluh september) affaire .
Soeharto, een tot dan toe onbekende generaal, zet een reserve-eenheid, de KOSTRAD, in om de ‘communistische samenzweerders’ die voor deze moorden verantwoordelijk worden gesteld de les te leren. Uiteindelijk loopt deze situatie uit op een politiek bloedbad waarbij ca. een half miljoen linkse Indonesiers (echte en vermeende) worden vervolgd en in koelen bloede vermoord. De communistische partij wordt ontbonden en het leger neemt de touwtjes in handen. Soeharto wordt in 1967 president. Indonesië krijgt  van alle kanten financiële hulp, vooral van Nederland en de VS. Hierdoor wordt het land economisch steeds afhankelijker van het Westen.
Zie ook: De Indonesische coup van 1965 en Indonesia Gestapu September 30 movement